Diagnose

Primaire hyposucrasia cq sucrose-intolerantie kan met behulp van een suikerabsorptietest (SAT) vastgesteld worden. Eerder werd de diagnose vooral vastgesteld door middel van een dunne darmbiopt waarbij de enzymactiviteit bepaald werd. Dit is echter een belastend onderzoek voor de patiënt. Daarnaast is dit onderzoek ook logistiek en technisch gezien lastig. Op dit moment wordt de SAT uitgebreid onderzocht voor wat betreft de betrouwbaarheid (sensitiviteit en specificiteit). Verder gaan diverse Brabantse ziekenhuizen meedoen aan een studie. Tot slot zijn er ontwikkelingen gaande om andere diagnostiek in te kunnen gaan zetten. Op deze site zult u zoveel mogelijk op de hoogte gehouden worden.

De Suikerabsorptietest (SAT)

Door het innemen van 4 bekende suikers (+- 150ml mannitol, raffinose, sucrose en lactose) en het opvangen van de urine gedurende 5 uur na een periode van nuchter zijn, kan worden gekeken naar de werking van de dunne darm. Het is dus een functionele test en dat maakt deze test zo bijzonder en bruikbaar. Er zijn naast hyposucrasia nog een aantal andere mogelijke uitslagen. Zo kan ook een primaire of secundaire lactose-intolerantie gevonden worden. Verder kan er een verhoogde permeabiliteit gevonden worden wat weer richting kan geven voor verder onderzoek. Thans wordt de SAT onder andere beoordeeld in het ETZ in Tilburg. Er wordt naar een landelijke dekking toegewerkt voor wat betreft aanvraagmogelijkheden.